Maakt fundamentele analyse op basis van de NAIC-methode haar eigen doelstellingen  waar?

 

In dit achtste  artikel beschrijft de werkgroep CoSA (= Computerondersteunde Selectie van Aandelen) resultaten die met  de NAIC-methode behaald zijn en kenmerken van fundamentele en technische analyse.

 

Drie vragen die de werkgroep CoSA bij herhaling worden voorgelegd zijn:

* Wat is het verschil tussen fundamentele analyse en technische analyse?

* Hoe goed is de fundamentele analyse op basis van de NAIC-methode?

* Maakt de NAIC-methode de eigen doelstellingen voor wat betreft het te behalen resultaat waar?

 

Verschillen tussen fundamentele  en technische analyse op hoofdlijnen.

 

Wie fundamentele analyse toepast gebruikt vooral informatie die voortkomt uit het functioneren van een bedrijf. We denken dan aan gegevens als omzet, winst, eigen en vreemd vermogen en kasstromen, maar ook aan informatie over de kwaliteit van het management, het beleid, het soort bedrijf, de economische toestand, de afhankelijkheid van de politieke koers, koersverloop en dergelijke.

 

Wie zich primair baseert op technische analyse om koop- of verkoopsignalen vast te stellen is vooral geďnteresseerd in  koerswaarden, de omzet van een aandeel ter beurze, de trendmatigheid  van de koersbewegingen en de veranderingen die daarin optreden. Bij technische analyse wordt er van uit gegaan dat alles wat over het bedrijf bekend is, reeds in de koers is verwerkt.

Fundamentele analisten proberen op grond van die informatie de vooruitzichten op langere termijn in te schatten en denken in kwartalen en jaren.

 

Technische analisten proberen op grond van koers- en omzetverloop het koersverloop op korte termijn te voorspellen en denken in kwartieren, dagen of hooguit in maanden.

 

Fundamentele analisten doen denken aan accountants.

 

Technische analisten doen denken aan wiskundigen en technici die wiskundige methoden toepassen om het koersverloop te kunnen beoordelen.

Fundamentele analisten geven hun tijd aan het verzamelen en interpreteren van de hierboven genoemde informatie.

Technische analisten besteden vooral tijd aan het experimenteren met indicatoren en aan het beoordelen van handelssystemen en koerspatronen.

 

Fundamentele en technische analyse kunnen elkaar goed aanvullen. Met fundamentele analyse wordt een aandeel geselecteerd; technische analyse kan helpen het juiste moment van koop of verkoop te bepalen.

 

Resultaten behaald met fundamentele analyse op basis van de NAIC-methode

 

Een geschikte methode voor de niet-professionele belegger om fundamentele analyse te beoefenen is de NAIC-methode, ook bekend als de Stock Selection Guide (SSG). De methode is ruim 50 jaar in gebruik bij de clubs en leden van de NAIC en sinds enkele jaren bevordert de NCVB het gebruik van de methode door de beleggingsstudieclubs en haar leden.

Om een indruk te krijgen van de resultaten die met de NAIC-methode haalbaar zijn gaan we uit van de resultaten die door NAIC* zijn geregistreerd en in de afgebeelde tabel worden getoond. Daarbij werd gebruik gemaakt van aandelenportefeuilles die jaarlijks werden samengesteld met behulp van de NAIC-methode. Aan het einde van elke vijfjarige periode wordt uit de totaal verkregen winst door koersstijging en dividenden het gemiddelde samengestelde winstpercentage per jaar van de betreffende portefeuille berekend. De winstpercentages per jaar van de 47 perioden (of portefeuilles) zijn in de tabel afgedrukt en in het kleine grafiekje, getiteld “NAIC-resultaten”, als punten weergegeven. De jaartallen geven de aanvangsjaren van de betreffende perioden aan.

 

In de tabel is ter vergelijking ook de koersgroei van de DJIA-index (Dow Jones Industrial Average) weergegeven, eveneens in de vorm van het gemiddelde samengestelde winstpercentage.

 

In de 47 perioden beginnend in de jaren 1952 t/m 1998 was de koersgroei van de

* NAIC-selectie gemiddeld 14,0 %/jaar (gele lijn in het kleine grafiekje),
* DJIA-index      gemiddeld 10,6 %/jaar.

 

De Wilshire5000-index geeft de koersen weer van wereldwijd de 5000 grootste aan beurzen genoteerde bedrijven.

In de 11 perioden beginnend in de jaren 1988 t/m 1998 was de koersgroei van de

* NAIC-selectie gemiddeld 13,0 %/jaar,

            * Wilshire5000  gemiddeld   7,9 %/jaar.

Maakt de NAIC-methode de eigen doelstellingen waar?

 

De NAIC-methode stelt zich tot doel bij de aanschaf van aandelen de geďnvesteerde gelden te verdubbelen in de erop volgende vijf jaren. Dit betekent dat de waarde van de aandelen, inclusief de uitgekeerde dividenden, gemiddeld 14,9% per jaar zouden moeten toenemen om aan de doelstelling te voldoen. In de voorgaande paragraaf zagen we dat in 47 opeenvolgende perioden van elk vijf jaar de stijging gemiddeld 14,0% per jaar bedroeg, waarmee het gestelde doel (14,9%) dus dicht genaderd werd.

Om een indruk te krijgen hoe de resultaten uiteenlopen wanneer het gemiddelde van minder dan 47 perioden wordt genomen, is het voortschrijdende gemiddelde van steeds 10 opeenvolgende vijfjarige perioden zowel in het kleine grafiekje als in de grote grafiek als donkerblauwe lijn weergegeven. Het eerste gemiddelde van 10 perioden, waarde bij het jaartal 1961, bestaat uit de in de tabel aangegeven vijfjarige perioden 1952-56 tot en met 1961-65. Het tweede gemiddelde van 10 perioden, waarde bij het jaartal 1962, bestaat uit de perioden 1953-57 tot en met 1962-66. Aldus steeds een beginjaar opschuivend, wordt het laatste gemiddelde van 10 perioden, waarde bij het jaartal 1998, berekend uit de vijfjarige perioden 1989-93 tot en met 1998-02. De laatste waarde op de lijn is die van 1989, want die 10 perioden omvatten de jaren 1998 tot en met 2002.

Het hoogste gemiddelde winstpercentage per 10 perioden was 21,9% per jaar, het laagste gemiddelde was 5,4% per jaar.

 

De NAIC-methode stelt zich ook als doel om het beduidend beter te doen dan de index van de DJIA (In Nederland zouden we de AEX-index als graadmeter kunnen hanteren).

De NAIC-methode presteert in 47 vijfjarige perioden gemiddeld 32% beter dan de DJIA-index en in 11 vijfjarige perioden ruim anderhalf keer zo goed als de Wilshire5000-index.

De rode lijn in de grafiek, getiteld “Vergelijking NAIC- en DJIA-resultaten”, geeft het voortschrijdend gemiddeld van de DJIA-index weer en is op overeenkomstige wijze berekend als de donkerblauwe lijn van het voortschrijdende gemiddelde van de NAIC-methode. In die grafiek zien we dat de NAIC-methode, op enkele laatste perioden na, beter presteert dan de DJIA-index.

 

In voorgaande nummers van Beter Beleggen is uitgelegd wat fundamentele analyse met behulp van de NAIC-methode inhoudt.

(Wie niet over de hiervoor genoemde nummers van Beter Beleggen beschikt, kan ook via de CoSA-webpagina’s uitvoerige beschrijvingen van de NAIC-methode vinden, zie <http://www.ncvb.nl/CoSA> .)

______________________

*) NAIC is de National Association of Investors Corporation, de Amerikaanse zustervereniging van de NCVB.


Contact werkgroep-CoSA

Laatst gewijzigd: 20 maart 2004

Terug naar de Index op de hoofdpagina